Preppen

FOTO: JORIS VAN GENNIP / ANP

ONDERZOEK

FOTO: NEDERLANDS INSTITUUT PUBLIEKE VEILIGHEID

Agata Bannink-Gawryszuk Medische Wetenschappen
Who looks outside, dreams; who looks inside, awakes.
Carl Gustav Jung

STELLING

Michel Dückers (1979) studeerde bestuurskunde aan de Universiteit van Twente. Hij promoveerde in
2009 aan de Universiteit Utrecht (kwaliteits- en veiligheidsmanagement in de zorg) en in 2019 aan de Universiteit Innsbruck (internationaal perspectief op van rampen op de mentale gezondheid). Hij adviseert en ondersteunt nationale en lokale overheden over de omgang met noodsituaties en is verbonden aan ARQ, het NIPV, het Nivel
en het RIVM. Sinds december 2020 is hij bijzonder hoogleraar Crises, Veiligheid en Gezondheid aan de RUG.


Grote problemen ontstaan als mensen niet meer het gevoel hebben dat ze controle hebben.

TEKST: BERT PLATZER

Kunnen we rustig slapen nu iedereen de overheidsbrochure heeft ontvangen om zich op
noodsituaties voor te bereiden? Volgens bijzonder hoogleraar Michel Dückers kan het waarschuwen
voor een ramp onze goede weerbaarheid tonen, maar ook uitmonden in het scenario van
een Mad Max-film.

‘Want maatschappelijke weerbaarheid bestaat bij gratie van brede deelname vanuit de samenleving. Dat wordt een ‘whole-of-society’-benadering genoemd, waarbij de overheid samen met burgers, maatschappelijke organisaties en bedrijven samenwerkt en bijvoorbeeld zorgt voor steunpunten tijdens noodsituaties. Grote supermarktketens zijn bijvoorbeeld bijzonder goed in het logistieke proces om hun winkels zo efficiënt mogelijk te bevoorraden. Als er bijvoorbeeld drinkwater moet worden gedistribueerd, zijn zij meer dan welke partij ook in staat om dat soort logistiek op te zetten.’

Tussen beschaving en anarchie zitten maar 9 maaltijden
Het antwoord op de vraag hoe we met rampen en noodsituaties moeten omgaan, is eigenlijk niet meer dan nattevingerwerk, al noemt Dückers het liever ‘educated guesses’. ‘Er zijn geen keurige studies waarin situaties worden geëvalueerd waarin mensen drie dagen of twee weken zonder elementaire voorzieningen zaten. Alles wat we daarover zeggen, is in feite één groot gedachte-experiment. Ik denk dat de meeste mensen wel in staat zijn om die eerste 72 uur goed door te komen, maar strikt genomen is ook dat een educated guess. En het punt waarop een educated guess pure speculatie wordt, is lastig te onderscheiden. Want wat als we het over twee weken of een half jaar hebben en in een situatie terechtkomen waarin alleen het recht van de sterkste geldt? Komen we dan in een soort Mad Max-film terecht, waarin gewapende motorbendes de macht overnemen en strijden om schaarse middelen? Vanuit de veilige, welvarende setting waarin we dagelijks leven, voelen zulke onheilspellende toekomstbeelden ver weg, maar er zijn plekken op aarde die minder ver verwijderd zijn van dergelijke filmscenario’s.’

Ook het tijdvak van 72 uur, dat al decennialang in de crisisbeheersing wordt gebruikt, is vooral gekozen om bepaalde instanties voor te bereiden op een crisistaak en om voor burgers een abstracte dreiging concreter te maken. ‘Een Amerikaans gezegde luidt dat er tussen beschaving en anarchie maar negen maaltijden zitten, dus wellicht zit er een kern van waarheid in die 72 uur. In het begin kun je nog heel beleefd zeggen: "Nee, u was eerder, neemt u die maaltijd maar mee.” Maar als het na drie dagen nog maar de vraag is of er morgen nog iets is en je hebt twee kindjes thuis zitten, dan kan er best een gevecht ontstaan om het laatste voedsel.’

Hoe is Dückers zelf voorbereid op een noodsituatie? ‘Steeds beter, mede door de brochure en alle interviews die ik naar aanleiding ervan heb gegeven. Tijdens een interview met EenVandaag werd er bij mij thuis in de voorraadkast gekeken, maar die was toch wat beperkt. Toen hebben mijn vrouw en ik later besloten om extra voedsel en water in te slaan. En een paar weken geleden had ik een interview met het magazine van het AD. De hoofdredacteur schreef dat ze naar aanleiding van dat interview het boekje weer uit het oud papier had gepakt. Dat is toch pure winst, dat mensen er met elkaar over praten en ervan bewust worden gemaakt wat er gebeurt als bijvoorbeeld de stroom een paar dagen uitvalt: je kunt niet meer pinnen, je telefoon raakt leeg en je hebt geen warm water en verwarming meer. Want die dreigingen zijn er gewoon. En controle hebben omdat je maatregelen hebt getroffen, is een fijn gevoel. Grote problemen ontstaan als mensen niet meer het gevoel hebben dat ze controle hebben.’

Rekening houden met groeiende polarisatie
In 2020 werd Dückers’ leerstoel ingesteld in samenwerking met ARQ Nationaal Psychotraumacentrum, het Nederlands Instituut Publieke Veiligheid, het Kennisinstituut Nivel en het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. Naast maatschappelijke weerbaarheid tegen noodsituaties houdt hij zich vooral bezig met de impact van rampen. ‘Want hoe moet je nou met rampen omgaan? Daar hoort steeds meer het weerbaarheidsideaal bij, dat is echt dé term van deze tijd. Dus jouw vermogen om klappen op te vangen, verstoringen te weerstaan, terug te veren, te herstellen, aan te passen.’

Dückers zou de onversneden stroomstoringen, aanslagen, pandemieën en extreem weer niet direct aanduiden als reële rampen. Maar er zijn factoren die deze ‘gewone’ noodsituaties volgens hem een extra dimensie kunnen geven. ‘Je moet ook rekening houden met de groeiende polarisatie in de samenleving, geopolitieke veranderingen en conflicten, dus uiteindelijk komen een heleboel ontwikkelingen samen die toch wel tot zeer gevaarlijke scenario's kunnen leiden.

Een langdurige stroom- of waterstoring, een terroristische aanslag, extreem weer zoals vijf jaar geleden in Zuid-Limburg of een cyberaanval: de kans op een noodsituatie is volgens de overheid allesbehalve denkbeeldig. Daarom kreeg iedereen in Nederland afgelopen winter de brochure Bereid je voor op een noodsituatie in de brievenbus. Daarin wordt beschreven hoe je jezelf in het geval van een ramp of crisis de eerste 72 uur kunt redden.

Volledig doorslaan
‘Als de diversiteit aan opties op een rij zet, dus aangeeft wat waar kan gebeuren, is de kans op een ramp groot’, zegt ook Michel Dückers, bijzonder hoogleraar Crises, Veiligheid en Gezondheid. Aan de ene kant vindt hij dat we ons niet gek moeten laten maken, maar ook niet dat we moeten doen alsof er niets aan de hand is. ‘Dat lijkt tegenstrijdig, hè? Onze hele evolutie draait om overleven en dat kan alleen als we effectief anticiperen op dreigingen en risico’s. Dus het is heel rationeel om na te denken over dreigingen, maar daarin kun je ook volledig doorslaan.’

Dat de overheid met de brochure is gekomen, vindt hij geen slecht idee. ‘De definitie van een ramp is dat het gebeurtenissen met grote gevolgen en veel menselijk leed zijn, waarmee de overheid niet direct met de beschikbare capaciteit overweg kan. Het is dus verstandig dat de overheid de mensen daar bewust van maakt en aanzet tot voorzorgsmaatregelen. Wat ik prettig vind aan het boekje is dat het niet alleen uitgaat van de klassieke zelfredzaamheidsgedachte, maar ook dat er wel degelijk de opdracht in zit om dat samen met anderen te doen en naar zwakkere mensen in je omgeving om te zien.’

is één groot
gedachte-experiment

Preppen

FOTO: JORIS VAN GENNIP / ANP

ONDERZOEK

Agata Bannink-Gawryszuk Medische Wetenschappen
Who looks outside, dreams; who looks inside, awakes. Carl Gustav Jung

STELLING

Michel Dückers (1979) studeerde bestuurskunde aan de Universiteit van Twente. Hij promoveerde in 2009 aan de Universiteit Utrecht (kwaliteits- en veiligheidsmanagement in de zorg) en in 2019 aan de Universiteit Innsbruck (internationaal perspectief op van rampen op de mentale gezondheid). Hij adviseert en onder-steunt nationale en lokale overheden over de omgang met noodsituaties en is verbonden aan ARQ, het NIPV, het Nivel en het RIVM. Sinds december 2020 is hij bijzonder hoogleraar Crises, Veiligheid en Gezondheid aan de RUG.

‘Want maatschappelijke weerbaarheid bestaat bij gratie van brede deelname vanuit de samenleving. Dat wordt een ‘whole-of-society’-benadering genoemd, waarbij de overheid samen met burgers, maatschappelijke organisaties en bedrijven samenwerkt en bijvoorbeeld zorgt voor steunpunten tijdens noodsituaties. Grote supermarktketens zijn bijvoorbeeld bijzonder goed in het logistieke proces om hun winkels zo efficiënt mogelijk te bevoorraden. Als er bijvoorbeeld drinkwater moet worden gedistribueerd, zijn zij meer dan welke partij ook in staat om dat soort logistiek op te zetten.’

Tussen beschaving en anarchie zitten maar 9 maaltijden
Het antwoord op de vraag hoe we met rampen en noodsituaties moeten omgaan, is eigenlijk niet meer dan nattevingerwerk, al noemt Dückers het liever ‘educated guesses’. ‘Er zijn geen keurige studies waarin situaties worden geëvalueerd waarin mensen drie dagen of twee weken zonder elementaire voorzieningen zaten. Alles wat we daarover zeggen, is in feite één groot gedachte-experiment. Ik denk dat de meeste mensen wel in staat zijn om die eerste 72 uur goed door te komen, maar strikt genomen is ook dat een educated guess. En het punt waarop een educated guess pure speculatie wordt, is lastig te onderscheiden. Want wat als we het over twee weken of een half jaar hebben en in een situatie terechtkomen waarin alleen het recht van de sterkste geldt? Komen we dan in een soort Mad Max-film terecht, waarin gewapende motorbendes de macht overnemen en strijden om schaarse middelen? Vanuit de veilige, welvarende setting waarin we dagelijks leven, voelen zulke onheilspellende toekomstbeelden ver weg, maar er zijn plekken op aarde die minder ver verwijderd zijn van dergelijke filmscenario’s.’

Ook het tijdvak van 72 uur, dat al decennialang in de crisisbeheersing wordt gebruikt, is vooral gekozen om bepaalde instanties voor te bereiden op een crisistaak en om voor burgers een abstracte dreiging concreter te maken. ‘Een Amerikaans gezegde luidt dat er tussen beschaving en anarchie maar negen maaltijden zitten, dus wellicht zit er een kern van waarheid in die 72 uur. In het begin kun je nog heel beleefd zeggen: "Nee, u was eerder, neemt u die maaltijd maar mee.” Maar als het na drie dagen nog maar de vraag is of er morgen nog iets is en je hebt twee kindjes thuis zitten, dan kan er best een gevecht ontstaan om het laatste voedsel.’

Hoe is Dückers zelf voorbereid op een noodsituatie? ‘Steeds beter, mede door de brochure en alle interviews die ik naar aanleiding ervan heb gegeven. Tijdens een interview met EenVandaag werd er bij mij thuis in de voorraadkast gekeken, maar die was toch wat beperkt. Toen hebben mijn vrouw en ik later besloten om extra voedsel en water in te slaan. En een paar weken geleden had ik een interview met het magazine van het AD. De hoofdredacteur schreef dat ze naar aanleiding van dat interview het boekje weer uit het oud papier had gepakt. Dat is toch pure winst, dat mensen er met elkaar over praten en ervan bewust worden gemaakt wat er gebeurt als bijvoorbeeld de stroom een paar dagen uitvalt: je kunt niet meer pinnen, je telefoon raakt leeg en je hebt geen warm water en verwarming meer. Want die dreigingen zijn er gewoon. En controle hebben omdat je maatregelen hebt getroffen, is een fijn gevoel. Grote problemen ontstaan als mensen niet meer het gevoel hebben dat ze controle hebben.’

FOTO: NEDERLANDS INSTITUUT PUBLIEKE VEILIGHEID


Grote problemen ontstaan als mensen niet meer het gevoel hebben dat ze controle hebben.

Rekening houden met groeiende polarisatie
In 2020 werd Dückers’ leerstoel ingesteld in samenwerking met ARQ Nationaal Psychotraumacentrum, het Nederlands Instituut Publieke Veiligheid, het Kennisinstituut Nivel en het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. Naast maatschappelijke weerbaarheid tegen noodsituaties houdt hij zich vooral bezig met de impact van rampen. ‘Want hoe moet je nou met rampen omgaan? Daar hoort steeds meer het weerbaarheidsideaal bij, dat is echt dé term van deze tijd. Dus jouw vermogen om klappen op te vangen, verstoringen te weerstaan, terug te veren, te herstellen, aan te passen.’

Dückers zou de onversneden stroom-storingen, aanslagen, pandemieën en extreem weer niet direct aanduiden als reële rampen. Maar er zijn factoren die deze ‘gewone’ noodsituaties volgens hem een extra dimensie kunnen geven. ‘Je moet ook rekening houden met de groeiende polarisatie in de samenleving, geopolitieke veranderingen en conflicten, dus uiteindelijk komen een heleboel ontwikkelingen samen die toch wel tot zeer gevaarlijke scenario's kunnen leiden.

Een langdurige stroom- of waterstoring, een terroristische aanslag, extreem weer zoals vijf jaar geleden in Zuid-Limburg of een cyberaanval: de kans op een noodsituatie is volgens de overheid allesbehalve denkbeeldig. Daarom kreeg iedereen in Nederland afgelopen winter de brochure Bereid je voor op een noodsituatie in de brievenbus. Daarin wordt beschreven hoe je jezelf in het geval van een ramp of crisis de eerste 72 uur kunt redden.

Volledig doorslaan
‘Als de diversiteit aan opties op een rij zet, dus aangeeft wat waar kan gebeuren, is de kans op een ramp groot’, zegt ook Michel Dückers, bijzonder hoogleraar Crises, Veiligheid en Gezondheid. Aan de ene kant vindt hij dat we ons niet gek moeten laten maken, maar ook niet dat we moeten doen alsof er niets aan de hand is. ‘Dat lijkt tegenstrijdig, hè? Onze hele evolutie draait om overleven en dat kan alleen als we effectief anticiperen op dreigingen en risico’s. Dus het is heel rationeel om na te denken over dreigingen, maar daarin kun je ook volledig doorslaan.’

Dat de overheid met de brochure is gekomen, vindt hij geen slecht idee. ‘De definitie van een ramp is dat het gebeurtenissen met grote gevolgen en veel menselijk leed zijn, waarmee de overheid niet direct met de beschikbare capaciteit overweg kan. Het is dus verstandig dat de overheid de mensen daar bewust van maakt en aanzet tot voorzorgsmaatregelen. Wat ik prettig vind aan het boekje is dat het niet alleen uitgaat van de klassieke zelfredzaam-heidsgedachte, maar ook dat er wel degelijk de opdracht in zit om dat samen met anderen te doen en naar zwakkere mensen in je omgeving om te zien.’

Kunnen we rustig slapen nu iedereen de overheidsbrochure heeft ontvangen om zich op noodsituaties voor te bereiden? Volgens bijzonder hoogleraar Michel Dückers kan het waarschuwen voor een ramp onze goede weerbaarheid tonen, maar ook uitmonden in het scenario van
een Mad Max-film.

TEKST: BERT PLATZER

is één groot
gedachte-experiment